Dit blog gaat over taal. Over waarom Nederlanders twee linkerhanden hebben en Britten twee linkervoeten. Over verkleinwoorden en vergrootwoorden. Over uitwaaien en andere onvertaalbare woorden. Over grappige versprekingen. Over wat er allemaal fout kan gaan als je een woordje Engels, Frans of Spaans probeert te spreken. Over hilarische menukaarten. Kortom, over bijna alles wat taal zo onweerstaanbaar maakt.
woensdag 16 mei 2012
Voetballende kannibalen
Een andere speler waar ik naar uitkijk is 'het duracell-konijn' (de Kroatische aanvaller Olic). Ook heb ik een zwak voor 'de magische dwerg' (de Duitse verdediger Lahn). De ster van het toernooi? Ik verwacht veel van 'Scarface' (het Franse 'enfant terrible' Ribéry). Ook 'de kleine prins' (de Fransman Nasri) zou best 'ns hoge ogen kunnen gooien. En 'het kind' ('el niño, de Spaanse spits Torres) lijkt net op tijd zijn vorm te hebben teruggevonden. Maar als speler van het toernooi tip ik 'Nemo' (de Duitse aanvaller Ozil).
Nog twee weken. Tot die tijd vermaak ik me met mijn favoriete voetbalbijnamen uit vervlogen tijden:
1. Jozsef Kiprich ('De tovenaar van Tatabánya')
2. André Hoekstra ('De koning van de kluts')
3. Marc Overmars ('Roadrunner')
4. Roberto Baggio ('De goddelijke paardenstaart')
5. Ferenc Puskas ('De galopperende majoor')
6. Julian Cruz ('De tuinman')
7. Dennis Bergkamp ('The non-flying Dutchman')
8. Claudio Caniggia ('Zoon van de wind')
9. Milko Djurovski ('De rookmagiër')
10. Zbigniew Boniek ('Schoonheid van de Nacht')
11. Piet Schrijvers ('Beer van de Meer', later 'Bolle van Zwolle', weer later 'Lek van Pec')
12. Roy Makaay ('Het spook')
13. Demetrio Albertini ('De metronoom')
14. Ronald Koeman ('Sneeuwvlokje')
15. Ex aequo: Willy van der Kerkhof ('de Stofzuiger') en Diego Maradona ('Pluisje')
dinsdag 8 mei 2012
Zeeduivel
Als de naamgevers van de vis destijds op hun smaakzintuig waren afgegaan had het dier waarschijnlijk ‘zee-engel’ geheten. Maar ze waren vermoedelijk nogal visueel ingesteld en de zeeduivel is nou eenmaal niet moeders mooiste.
woensdag 18 april 2012
Loflied op de mierenneuker
woensdag 4 april 2012
Heimwee naar de flierefluiter
woensdag 21 maart 2012
Een hapje maan?
zondag 11 maart 2012
Verbaal nudisme
dinsdag 6 maart 2012
Dutch comfort
dinsdag 21 februari 2012
Een kat in de keel
Spreekwoorden vertalen is een vorm van goochelen. Je stopt een dier in de hoge hoed en er komt een heel ander dier weer uit. Ons 'proefkonijn' verandert in het Engels bijvoorbeeld in een cavia. En de olifant die zich bij ons helemaal thuis voelt in een porseleinkast, wordt door de Britten omgetoverd in een stier in een porseleinwinkel ('bull in a china shop'). Wonderlijk zijn ook de avonturen van de spreekwoordelijke kikker. Het beestje voelt zich thuis in Noord-Europese kelen, maar juist in landen waar kikkers als delicatesse worden gegeten, spreken ze niet van een 'kikker in de keel'. In Frankrijk kennen ze wel 'un chat dans la gorge' ('kat in de keel').
Zo veranderen veel dieren die geëxporteerd worden naar het buitenland onderweg in een ander beest. Maar er zijn ook beesten waar ze over de grens nauwelijks raad mee weten. Het Spaans heeft een overschot aan spreekwoordelijke stieren. Onvertaalbaar. En het Nederlands heeft hele kuddes onvertaalbare koeien. Oude koeien uit de sloot halen? Een Fransman moet er niet aan denken! Waarheden als koeien zijn exclusief Nederlands, net als koeienfouten. En over koetjes en kalfjes spreken? Dat doen ze nergens. De Duitse vertaling die het dichtst in de buurt komt is 'Über Gott und die Welt reden'. Het verschil tussen Nederland en Duitsland kan nauwelijks treffender worden samengevat.